In onze westerse cultuur spreken we vaak over ons lichaam alsof het iets is dat we “hebben”. Een voertuig dat ons door het leven draagt, dat we kunnen trainen, repareren, versieren of verbeteren. Maar deze manier van kijken schept afstand. Alsof je lichaam iets is buiten jou, iets dat je moet aansturen of optimaliseren. Wat gebeurt er als je deze blik omdraait? Als je niet langer zegt: “Ik heb een lichaam”, maar ervaart: “Ik bén een lichaam”?
Deze verschuiving is geen taalspelletje. Het is een diepgaande verandering in hoe je jezelf beleeft. In plaats van van buiten naar binnen te kijken – hoe zie ik eruit, functioneert alles wel? – keer je je aandacht naar binnen. Je luistert. Naar de botten die je dragen, het bindweefsel dat alles met elkaar verbindt, de organen die hun stille werk doen. Je maakt contact met de wijsheid van je lijf. Want jouw lichaam is niet zomaar een machine die opdrachten uitvoert. Het is een levend veld van ervaringen, herinneringen, verlangens en weten.
In lichaamsgerichte werk, zoals Rebalancing en de Trager Approach, nodigen we mensen uit om deze innerlijke ruimte te verkennen. Om de taal van hun lichaam opnieuw te leren verstaan. Niet door het lijf van buitenaf te bestuderen, maar door het van binnenuit te voelen. Dat kan eenvoudig beginnen: voelen hoe je zit op een stoel. De zwaarte van je bekken, de adem die je borst vult, de zachte beweging van je buik. Je lichaam laat in elke seconde weten hoe het met je is. Het hoeft alleen maar gehoord te worden.
Wanneer je je lichaam op deze manier ontmoet, ontstaat er iets bijzonders. Je komt thuis. Je hoeft niet langer te ‘doen’ of te ‘fixen’. Je mag zijn, precies zoals je nu bent. Soms wordt iets zichtbaar dat aandacht vraagt: spanning in je nek, onrust in je buik, een beklemd gevoel in je borst. Ook dat mag er zijn. Door erbij te blijven, door met vriendelijke aandacht te luisteren, kan dat wat vastzit verzachten. Je lichaam weet vaak beter dan je hoofd wat er nodig is.
Dit pad van belichaamd leven is een ander pad dan het vertrouwde denken in ‘presteren’, ‘verbeteren’, ‘controle’. Het is het pad van voelen, vertragen, afstemmen. Van je lichaam niet als object zien, maar als subject. Niet als ding, maar als deel van wie je bent. Hier, in deze ervaring, openbaart zich iets groters: een dieper weten, een vanzelfsprekende verbinding met het leven zelf.
